In de Grevelingen kan, door het ontbreken van stroming, op ieder tijdstip
worden gedoken. Indien het op de Oosterschelde spookt bij een zuidwesten
wind, kun je hier vaak in de luwte van de dijk te water gaan. Het leven
wordt ieder jaar gevarieerder, vele voormalige Oosterschelde soorten als
Snotolf, Sepia enz. worden de laatste jaren ook op de Grevelingen
waargenomen.
John de Jong: Jojodive
Bij Bommenede heb je een duikplaats welke bekendstaat onder de naam
Polder van Bommenede. Dit is het gedeelte wat westelijk van de haven van Zonnemaire
ligt. Dit is een erg ondiepe duikplaats, je moet het vooral zoeken op de begroeide
strekdammetjes die hier haaks op de oude zeedijk liggen.
De 2e duikplaats zijn de ruļnes van Bommenede.
Dit is een duikplaats waarvoor toestemming moet worden gevraagd bij GS in Middelburg
omdat hij recht voor de werkhaven ligt, en eigenlijk verboden duikgebied is.
Je kunt hier alleen per boot komen.
Er ligt behoorlijk wat puin van het oude Bommenede.
Bron: John de Jong Jojodive
Den Osse: Als je hier wilt duiken, in het weekeinde, moet je er vroeg bij
zijn, want dit is een van de drukst bezochte duikplaatsen in Zeeland. De
grote parkeerplaats is van alle gemakken voorzien. Er staat hier een
friettent en mobiele toiletten zijn ook aanwezig, alleen douches ontbreken
nog. Opmerkelijk zijn de grote betonnen platen, die als enorme tegels, de
helling voor een groot gedeelte bedekken. Op sommige plaatsen zijn ze al
volledig bedekt met de gebruikelijke begroeiing van de Grevelingen, zoals
Baksteenanemoontjes en vele soorten sponzen. Tussen de platen zie je een
enkele Weduweroos. Andere sessiele dieren zoals de Knotszakpijp komen hier
ook in ruime mate voor. Dit is te danken aan de ruime vestigings
mogelijkheden van deze duikplaats, waar de stenen helling ver in de diepte
doorloopt. Als je goed kijkt zie je hier vaak opmerkelijk grote zeenaalden,
met hun kop naar de bodem gericht, zo min mogelijk bewegend, lijken ze op
het eerste gezicht op zeegrasachtige wieren. Pas als ze echt van plaats
wisselen vallen ze op.
Bron: Anemoon.org
Scharendijke: Het Kabbelaarsrif is de de naam van het bij Scharendijke
afgezonken kunstrif. In het najaar van 2001 zijn hier op inniatief van de
Stichting Kunstrif Zeeland 101 "Reefballs" op de bodem neergelaten. Deze
klus, die door de genieduikers van de Koninklijke Landmacht is geklaard,
heeft als doel om er voor te zorgen dat verschillende diergroepen hier een
onderkomen of voedselgebied kunnen vinden. Om het Kabbelaarsrif te bereiken
moet je via de trap bij D.C. de Kabbelaar, rechtstreeks naar het water
lopen. Daarvandaan snorkel je naar de kleine oranje boei (deze ligt zo'n 30
meter uit de kant en heeft geen vlaggetje). Deze boei markeert de meest
zuidelijk gelegen reefball. Biologisch is het Reefball project natuurlijk
uitermate interessant. Omdat we precies weten wanneer het kunstmatige rif is
geplaatst, kunnen we goed volgen wanneer de eerste begroeiing plaats vind,
welke organismen dat zijn, en hoe zich dat door de tijd heen handhaven.
Daarom heeft de stichting Anemoon het Kabbelaarsrif een eigen MOO nummer
gegeven en zal hier ook een intensieve monitoring op laten plaats vinden.
Intussen hebben de eerste zakpijpen zich al op de bollen gevestigd.
Bron: Anemoon.org