Startpagina Algemeen
Zonnemaire
Foto's
Informatie
Sociaal
Extra

Bommenede

Bron: A.J. Beenhakker Middelburg


Bij het horen van de naam Bommenede denkt u ongetwijfeld aan de grote stille haven, die enkele kilometers ten Noorden van Zonnemaire aan de Grevelingen ligt.

Het is nauwelijks voor te stellen dat Bommenede ooit een bloeiend havenstadje is geweest. Het oude Bommenede lag niet helemaal op deze plek, maar ongeveer een kilometer meer naar het Noorden, midden in de tegenwoordige vaargeul. Aan het eind van de twaalfde eeuw werd het eiland Bommenede bedijkt. Het eiland werd door het water de Sonnemere gescheiden van Schouwen.

De Sonnemere werd gezien als de grens tussen Zeeland en Holland en daarom behoorde het eiland Bommenede tot de heerlijkheid Voorne en dus niet bij Zeeland. Bommenede bezat een eigen parochiekerk, maar ging in de veertiende eeuw verloren.

In 1412 werd Bommende opnieuw bedijkt, maar intussen was ook de Sonnemere (de tegenwoordige polder Oud-Bommenede, Nieuw Bommenede en Nataarspolder) ingedijkt, zodat Bommenede nu aan Schouwen vast zat. Desondanks bleef het een Hollandse enclave in Zeeland, zoals Sommelsdijk een Zeeuwse enclave in Holland was.

Het nieuwe Bommenede werd een welvarend havenplaatsje. Het zag eruit als een klein stadje, ongeveer als Brouwershaven met huisjes om de haven en de spuikomen een forse kerk. Waarschijnlijk heeft Bommenede nooit stadsrechten gehad.

In 1571 werd Bommenede een hoge heerlijkheid met een eigen bestuur. Het lag erg gunstig op een vooruitstekende punt in de Grevelingen, vlak bij een belangrijke vaarweg. Dit maakte de ligging ook kwetsbaar. Bij de Allerheiligen vloet van 1570 overstroomde Bommenede en een jaar later kwam het weer droog te liggen. In 1573 werden er wallen en bastions aangelegd, want inmiddels zaten we in de opstand tegen Spanje.

Toen de Spaanse bevelhebber Mondragon in 1573 tijdens zijn befaamde voettocht door het Zijpe op Schouwen aan kwam, viel hij meteen Bommenede aan. Na 20 dagenhevige strijd wist hij het versterkte stadje te veroveren. De schade werd hersteld, maar de welvaart kwam niet meer terug. De kwetsbare positie aan het water leidde tot voortdurende schade aan de dijken en in 1684 werd het stadje prijs gegeven en verlaten. Spoedig verzonken de resten in de vaargeul.

De bewoners bleven op het grondgebied van Bommenede wonen en vestigden zich op het Zuidelijkste, veiligste puntje van de Heerlijkheid, namelijk aan de dijk vlak bij het dorp Zonnemaire. Dat is nog altijd zo. De huisjes op de dijk in Zonnemaire liggen in Bommenede en de dijk heet dan ook Dijk van Bommenede. De Bommeneders zijn nog vele generaties lang een aparte groep gebleven binnen de dorpsgemeenschap van Zonnemaire.

Wel kwam er nu een eind aan de vreemde staatkundige toestand. In 1687 werd Bommenede bij Zeeland gevoegd. De Heerlijkheid bleef wel zelfstandig en in de Franse tijd werden Bommenede en Zonnemaire aparte gemeenten. Pas in 1866 werden ze samengevoegd.

De resten van het oude stadje moeten nog altijd op de bodem van de Grevelingen liggen, maar omdat er een diepe vaargeul is ontstaan, zal er weinig meer van terug te vinden zijn. Bij een duikonderzoek werden alleen wat resten van één van de havenhoofden opgespoord.

Ad Beenhakker



Bijgewerkt op: 8 maart 2010 © Copyright 2006 - 2010 by Zonnemaire.eu
Disclaimer